Na bijna 100 uur aan workshops over kunstmatige intelligentie, met deelnemers variërend van gepensioneerden tot enthousiaste start-up oprichters, HR-professionals en werkzoekenden, heb ik een schat aan inzichten verzameld – en een groeiend gevoel van urgentie dat soms grenst aan ongerustheid. Dit artikel werd ingegeven door een recent interview tussen Emad Mostaque en Peter Diamandis. Het resoneerde sterk met veel zorgen die ik zelf in de praktijk ben tegengekomen. Terwijl Emad sprak vanuit zijn ervaring als voormalig CEO van Stability AI – bekend van hun werk met Stable Diffusion, de open-source tekst-naar-beeld AI – kwamen onze zorgen samen, vooral op het punt van de noodzaak voor brede educatie en betrokkenheid bij AI-technologie.
Het is opvallend hoe weinig de meeste mensen weten over de huidige stand van AI, zelfs bij technologieën die niet het uiterste van innovatie zijn, zoals autonome agents of bijna-AGI-systemen. Dit is geen klein detail, maar een kloof die de samenleving dreigt te verdelen in technologisch bevoorrechten en achterblijvers. Elke workshop legt deze kloof bloot. Ik vind het geweldig om mensen te verrassen met wat AI vandaag al kan – en hoe je met gestructureerde promptsystemen heel gerichte, correcte antwoorden kan krijgen van LLM’s zoals ChatGPT of Copilot – maar dit is slechts het topje van de ijsberg.
Tijdens deze sessies vragen deelnemers vaak naar “de toekomst”, maar bij AI lijkt dat zelden verder dan een paar maanden vooruit te kijken. De ontwikkelingen gaan zo snel dat er om de drie tot zes maanden nieuwe modellen en mogelijkheden verschijnen. Dat tempo maakt het moeilijk om het brede publiek mee te nemen en goed te informeren. Mijn missie is meegegroeid met dat tempo: complexe AI-concepten vertalen naar toegankelijke kennis voor iedereen. Toch kan je maar een beperkte hoeveelheid in een workshop van drie uur proppen, zonder dat mensen gillend weglopen.
Lees verder hier